Jos van den Brand over technologie bij het fietsen van de Ruta Iberica.
Technologie is een boeiend thema, omdat het menselijk leven mogelijk maakt.
Ik was nooit erg geïnteresseerd in technologie. Totdat ik op mijn 64ste Technology And The Lifeworld (1994) van Don Ihde las. Het boek maakte mij er bewust van dat ons leven vol technologie zit. Daarna zie ik overal technologie. Toen ik, niet lang na het lezen van dit boek, samen met mijn vrouw Léonne in Spanje en Portugal delen van de Ruta Iberica fietste, koos ik technologie als perspectief om terug te blikken op deze tocht.
Fietsen in Spanje kan alleen in het voor- of najaar, omdat het in de zomer te warm is. Het kan 40 graden Celsius worden. Samen met onze vrienden Nelleke en Paul reizen we met onze auto en onze fietsen op de fietsdrager naar Salamanca. Hier begint deel 1 van onze Ruta Iberica: Salamanca – Lissabon. Na drie rustdagen in Sintra rijden we met de auto naar Merida voor deel twee van onze Ruta Iberica: Merida – Toledo.
Ik koos 10 vormen van technologie uit, die een goed beeld geven van de mooie en minder mooie kanten van technologie bij het fietsen van de Ruta Iberica.
10 Tolbadge
‘No, no, no’
We rijden met de auto naar Spanje. Mijn vrouw heeft een tolbadge gekocht die ervoor zorgt dat we kunnen doorrijden bij tolpoorten in Frankrijk, Spanje en Portugal. Als je een piepje hoort werkt de tolbadge en gaat de slagboom open. Achteraf worden de kosten geïnd via de creditcard.
De tolbadge heeft twee kanten: gemak en irritatie. Gemak als je probleemloos kunt doorrijden. Irritatie als de tolbadge niet werkt. Nog grotere irritatie als de tolpoort wel werkt aan het begin van het traject en niet bij het verlaten ervan. Achteruit- en weer vooruitrijden om een nieuwe poging te doen. Als dat niet werkt, bellen met de helpdesk die de slagboom omhoog doet en de betaling regelt. Bij de eerste tolpoort in Spanje weigert de badge weer. Een tolbeambte loopt naar onze auto en zegt ‘no, no, no’ terwijl ze naar de badge wijst.
9 Telelens
‘We maken plaats voor jullie’

Techniek is niet neutraal. We fietsen via natuurpark Monfragüe naar Miajades. Bij het eerste uitzichtpunt zien we gieren zwieren op de thermiek boven de bergtoppen. We fietsen naar het bezoekerscentrum om te lunchen. De overdekte picknicktafels zijn bezet door ouderen. Aan twee tafels wordt gegeten en op de derde liggen verrekijkers, fototoestellen en grote telelenzen. Het is een groep Nederlandse vogelaars die met SNP een zevendaagse vogelreis maakt in Extremadura. Ze zijn met pensioen en hebben geïnvesteerd in apparatuur voor hun nieuwe hobby: vogels spotten. ‘We maken plaats voor jullie,’ en de apparatuur wordt op hun eigen tafels gelegd. We kunnen aan onze lunch beginnen.
Tijdens de lunch denk ik aan Technology and The Lifeworld. Volgens Ihde beïnvloedt technologie onze ervaring van de wereld. Een telelens wordt een verlengstuk van je lichaam en verandert de wijze waarop je de wereld ziet. De vogels die zich op afstand bevinden, worden door de telelens dichterbij gehaald en vergroot. Waardoor je de ogen, snavel en veren kunt zien. Technologie bemiddelt tussen mens en wereld. We fietsen verder. Op de achtergrond horen we voortdurend vogelgeluid.
8 Zonnepaneel
‘Denk dus vooruit’

We zijn afhankelijk van stroom. Spanje beantwoordt de schaarste op de energiemarkt door energie op te wekken uit zon en wind. We fietsen van Nationaal park Monfragüe naar Càceres. In Talaván, niet ver van Càceres, fietsen we kilometerslang langs een groot zonnepark van 300 megawatt. Jaarlijks produceert het de energie voor 170.000 woningen. Deze stroom is niet alleen goedkoop, maar geeft premier Sanchez de ruimte om als een van de weinige Europese leiders op te staan tegen Trump.
Een jaar geleden ging het vreselijk mis. Door een fout van de netbeheerder ontstond door het terugleveren van energie door zonneparken een stroompiek. Binnen vijf seconden verloren grote delen van Spanje en Portugal hun stroomvoorziening. Het luchtverkeer raakte ontregeld, treinen en metro’s stonden stil. Mensen konden niet thuiskomen en sliepen op stations. Het internet viel uit en telefoonverkeer was onmogelijk. Door de stroomstoring kwamen vijf mensen om het leven.
Het is voor de Nederlandse netwerkbeheerder aanleiding om ons te waarschuwen: ‘Een incident van die omvang komt in Nederland vrijwel nooit voor, maar moeten bedrijven en burgers wel op voorbereid zijn. Dus denk vooruit.’
7 Cijfercode
‘We are sending a new code’

Als je een appartement huurt om te overnachten, krijg je een app of mail met een cijfercode. Tenminste als je vooraf de huur hebt betaald. Met een cijfercode open je de sleutelkluis en neemt de huissleutel om de deur te openen. Bij vertrek laat je de sleutel in het appartement liggen of legt deze terug in de sleutelkluis. Bij een digitaal slot toets je een nummer in om de deur te openen.
Door te werken met cijfercodes ontmoet je de verhuurder niet. De code bemiddelt tussen huurder en verhuurder, zou Ihde zeggen. Maar als de code niet werkt, bel je de verhuurder om het op te lossen. Een vriendelijke medewerkster zegt: ‘We are sending a new code’. Als technologie faalt, zijn er mensen nodig om het op te lossen.
6 Gitaar
‘Gracias—suerte’

Càceres ligt op een heuvel. Het is een stevige klim om het centrum te bereiken waar we overnachten in het hostel dat in het oude centrum ligt. Het is slecht bereikbaar voor fietsers door de vele trappen. Als we geïnstalleerd zijn, maken we een wandeling door de prachtige, oude stad. Stenen. Adellijke families bouwden paleizen die een woon- en verdedigingsfunctie hebben. Het zijn hoge stenen torens met weinig ramen. Op de straten liggen klinkers. Mijn aandacht wordt getrokken door de klanken van gitaarmuziek die tegen de stenen weerkaatsen. Het is de flamenco gitarist Abel Sánchez. Léonne en ik gaan zitten om naar zijn betoverende gitaarspel te luisteren. De muziek raakt me en geeft me een ontspannen gevoel. Het kost mij moeite om me van zijn fraaie gitaarspel los te maken en door te lopen. Gelukkig kan ik zijn CD Gracias…Suerte kopen. Sánchez staat ook op Spotify en You Tube als je zijn gitaarmuziek zelf wil horen.
5 Klooster
‘mogen zij voor onderweg niets meenemen’
In de afgelegen heuvels van Sintra (Portugal) ligt een verlaten kapucijnerklooster uit 1560. In 1834 raakte het in verval, omdat de kloosters in Portugal werden geconfisqueerd door de staat. Onlangs is het in de oorspronkelijke staat hersteld. De broeders leefden hier volgens de regel van Franciscus van Assisi (1223). Om gezag te geven aan de regel wordt er veelvuldig geciteerd uit Bijbelteksten. Volgens de filosoof Michel Foucoult (1926-1984) gaat het bij leefregels om een praktische ethiek om het leven op een bepaalde manier vorm te geven. De kern van de Franciscus’ regel is gehoorzaamheid, kuisheid en armoede (geen bezit). Er is bijvoorbeeld een bibliotheek, omdat de broeders geen eigen boeken mogen bezitten. In de kloostertuin ligt een grote moestuin met uitzicht op de Atlantische oceaan. Het klooster was zelfvoorzienend. Franciscus’ regel beschrijft ook wat de broeders meenemen als ze op reis gaan: ‘Wanneer de broeders door de wereld gaan, mogen zij voor onderweg niets meenemen, geen beurs, geen reistas, geen brood, geen geld en geen stok.’ Als ik zie wat wij meenemen in onze fietstassen, is het zeker geen Franciscaanse fietstocht.
4 Irrigatiekanaal
‘Could humans live without technologies?’
Volgens Ihde kunnen mensen niet leven zonder technologie: ‘Could humans live without technologies? Clearly, in any empirical or historical sense, they in fact do not.’ Vanaf de prehistorie gebruiken mensen op de een of andere manier technologie. Denk aan vuur om eten te koken, het bewaren van voedsel in potten en manden, speren om dieren te vangen, kleding en dammen voor water. Dit brengt me bij het Orlanne kanaal.
De Serenadam ligt in de rivier Zujár in Extremadura. De dam is 94 meter hoog en 600 meter lang en in 1990 in gebruik genomen. Daardoor is het grootste stuwmeer van Spanje ontstaan. Wij fietsen langs het Orlannekanaal dat gevoed wordt vanuit dit stuwmeer. Vanuit het kanaal zijn er zijtakken om de droge landbouwgrond in Extremadura te irrigeren. Hierdoor groeien er amandel- en olijfbomen en worden er rijst, mais, tomaten en tarwe verbouwd. De nieuwste uitdaging is voorkomen dat er te veel water in het stuwmeer komt bij hevige regenval. Je moet er niet aan denken dat de dam breekt.
3 Luisterboek
‘Bedenk dan dat God ons allemaal een taak in het leven heeft gegeven’

Tijdens lange saaie stukken van de fietsroute spelen we het luisterboek De Kruistocht van een koningin van Simone van der Vlugt af. Léonne en ik hebben allebei een oortje in en luisteren geboeid naar dit historische verhaal, waarin Jeanne d’Arc als inspiratiebron fungeert.
Isabel krijgt als kind een boek over Jeanne d’Arc. Ze krijgt visioenen waarin haar wordt opgedragen om Frankrijk te bevrijden van de Engelsen. Haar grootmoeder, van wie Isabel het boek krijgt, zegt tegen haar: ‘Als je het leest, bedenk dan dat God ons allemaal een taak in het leven heeft gegeven.’ Isabel ziet het als haar goddelijke taak om koningin te worden en de Moren (moslims) te verslaan.
In Toledo, het eindpunt van onze fietstocht, laat Isabel boeien en kettingen aan de muur van het Monasterio de San Juan de los Reyes hangen. Waarom doet ze dat? De boeien zijn de ketenen waarmee christelijke gevangenen door de Moren zijn vastgeketend in de kerkers van steden zoals Málaga en Granada. Nadat Isabels troepen deze steden veroverden tijdens de Reconquista, worden de gevangenen vrijgelaten. Isabel financiert persoonlijk het transport van deze kettingen naar Toledo. Door ze prominent aan de gevel van het klooster te hangen, toont ze haar macht en de religieuze dominantie van het katholicisme.
Geboeid door het verhaal luisteren we er ook naar voor het slapengaan. Meestal val ik, moe van het fietsen, na enkele minuten als een blok in slaap.
2 Schilderij
‘Nee, dat heeft ú gedaan’

Vanuit ons appartement in Toledo reis ik met de hogesnelheidstrein naar Madrid om Guernica van Picasso te zien. Het hangt in Museo Reina Sofia. Volgens kunstcriticus Joke de Wolf is het schilderij een universeel symbool van oorlogsellende.
De Duitse Luftwaffe bombardeert op 26 april 1937 namens de Spaanse generaal Franco het Baskische dorpje Guernica. Picasso woont in Parijs en ziet de zwartwit foto’s van de ravage en de slachtoffers. In vijf weken tijd schildert hij Guernica. Picasso bepaalde dat het pas na Franco’s dood naar Spanje zou gaan. Dat gebeurde in 1981.
Het enorme schilderij, drieënhalve meter hoog en bijna acht meter breed, hangt in zaal 206. Er zijn alleen zwart, wit en grijstonen gebruikt. De achtergrond is zwart en je ziet uitgestrekte armen en opengesperde monden. Linksboven een stierenkop, in het midden een paard, rechtsonder een onderbeen met voet. De bezoekers staan eerbiedig voor het schilderij. Er worden foto’s en video’s gemaakt, maar er wordt geen woord gezegd. We beseffen dat er sinds 1937 niets is veranderd. Mensen doen elkaar nog steeds verschrikkelijke dingen aan.
Overigens is een beroemde uitspraak van Picasso over het schilderij: ‘Hebt u de Guernica gemaakt, mijnheer Picasso?’ ‘Nee, dat heeft ú gedaan.’
1 Fiets
‘One experiences the road and surroundings through driving the car, and motion is the focal activity’

Ihde ziet vervoermiddelen als een verlengstuk van ons lichaam. Ze zijn een medium tussen mens en leefwereld. Hij geeft als voorbeeld de auto: ‘One experiences the road and surroundings through driving the car, and motion is the focal activity.’
Ik besluit om na te gaan hoe ik via mijn fiets, een Rohloff Idworx, een berg ervaar. Daarvoor maak ik gebruik van een belangrijke mindfulness-oefening: de bodyscan. Je richt je aandacht tijdens het klimmen op je lichaamsbeleving, van teen tot top. Een bodyscan van het fietsende klimmende lichaam.
De ervaring begint bij mijn voeten die stevig op de trappers staan. Mijn boven- en onderbenen bewegen in een vast ritme. Aan mijn knieën en benen voel ik hoe steil de klim is en wanneer ik moet schakelen. Mijn bekken rust op de voorkant van het zadel. Het gewicht van mijn romp drukt op mijn zitbotjes, aan de achterkant van het zadel. Ik voel de zeemleren broek plakken aan mijn bekken, geslachtsorgaan, onderbuik, billen en anus.
Mijn bezwete handen omklemmen het stuur. In mijn rechterschouder en onderrug zit lichte spanning. Ik voel hoe mijn rugspieren zich aanspannen. Ik regel mijn ademhaling, maar merk dat ik steeds sneller in- en uitadem. De helm drukt op mijn hoofd, mijn pet zuigt zich vol met zweet. Zweetdruppels lopen langs mijn ogen en over mijn wangen naar beneden. De bril drukt op mijn neus en achter mijn oren.
Voor me ligt de asfaltweg met de witte doorgetrokken streep, links de vangrail, rechts de berm. In de verte zie ik bergen en bomen. Ik hoor de wind, mijn ademhaling, het kraken van het zadel en de ketting die over het tandwiel loopt in het ritme van mijn benen. Ik ruik bloemen en bomen langs de weg. Mijn mond en lippen zijn droog. De zon brandt op mijn gezicht, nek en benen. Het fietsende lichaam op de Ruta Iberica.
Wat ik leer van Ihde is dat we de wereld op twee manieren kunnen ervaren. De eerste manier is de niet-technologische ervaring van de wereld. We ervaren de wereld met ons lijf en onze zintuigen. De tweede manier is de door technologie bemiddelde ervaring van de wereld. Ik had niet verwacht dat deze bemiddelde ervaring zo’n grote rol zou spelen tijdens onze fietstocht. Met Ihde zeg ik dat we niet kunnen terugkeren naar een wereld zonder technologie. Dat is onmogelijk noch wenselijk.